06:45 ging ’t wekkertje. Klaar maken, snel ontbijtje erin en te voet naar het centrum van Salento. Om 07:30 moest ik me melden bij een 4×4 volgepakt met downhill mountainbikes. De organisator van deze dagtrip had zijn zoontje meegenomen en onze gids. Een lefgozer die ooit derde werd op het Colombiaans kampioenschap downhill, maar dat wisten we toen nog niet… Met 3’en achterin en 2 Spanjaarden in de achterbak gingen we op pad. Hotseknotsend over de bergweg van 1960 meter hoogte 25 kilometer naar 3375 meter hoogte. Na anderhalf uur zag ik groen maar waren we boven. De mountainbikes van de auto af en 11 kilometer volle gas downhill.
Niemand liep er rond, niemand kwamen we tegen. Onderaan de rit eindigden we bij een Colombiaanse cabana. Oma stond ons ontbijtje klaar te maken. De hele rit was prachtig maar waar we nu waren was te mooi om waar te zijn. La Carbonera. Iedereen maar dan ook echt iedereen gaat vanaf Salento naar de Cocora vallei. En terecht. Maar La Carbonera is next level. Omdat er nog meer groen is, nog meer unieke (was)palmbomen én wilde paarden in de natuur. Ik stuurde mijn drone alle kanten op, kreeg er geen genoeg van. Tranen in mijn ogen. Ook nu als ik dit schrijf. De liefde waarmee oma’tje het heerlijke eten had gemaakt voelde als normaal. Na een bezoekje aan de lokale waterval begonnen we met weemoed aan de terugtocht. Eerst weer 11 kilometer stuiterend bergop. Vervolgens 25 kilomter plankgas terug naar Salento.
Maureen was er niet bij, ze zou niet verzekerd zijn geweest voor het mountainbiken. En ik was zó enthousiast. Ik wilde mijn verhaal kwijt. Het verhaal van de mooiste plek waar ik ooit geweest ben. En misschien wel de mooiste plek waar ik ooit zal komen. De tijd zal het leren…
Ad